
door Renée de Haan
Wat weet je als kind van de grote verschillen in een stad als Amsterdam uit de jaren ’60? Bij de een was het gezellig en stond er een doorgezakte stoel op een versleten Perzisch tapijt en bij een ander hingen er kroonluchters aan versierde plafonds. Dat was duidelijk paleisachtig, maar vaak moest je in dergelijke huizen heel veel voeten vegen en nergens aan zitten.
In heel veel van die woningen was marmer of terrazzo toegepast en daar kon je als kind direct waardering voor opbrengen. Het vormde de basis voor alle spel, van een wegennet met hekjes van knijpers voor de Dinky Toys tot glijden met zelfgemaakte slippers van een taartdoos.
Iedereen was allang blij dat je uit de woonkamer was en niets vies maakte want dat was heel duidelijk: die marmers en terrazzo’s konden wel wat hebben. Als er patronen in gelegd waren zoals bij een van mijn grootmoeders, dan had je direct een heel wegennet ter beschikking of een soort van zwembad voor de poppetjes.
Hoe kunstig dit allemaal gemaakt was begrepen wij totaal niet. Dat besef kwam pas later toen het in heel veel huizen in de jaren ’80 eruit werd gesloopt. Aanrechten en wasbakken met blokjes in wit en zwart, weg ermee. Rvs of hout moest het worden. Vloeren verdwenen met in het beste geval iets er overheen geplakt of geschroefd.
De plafonds in die oude huizen was vaak geen beter lot beschoren: dichtgesmeerde ornamenten en lijsten verdwenen achter een pak schrootjes of platen gipskarton. Dan kan de nieuwe bewoner er alles uitslaan en van een oud herenhuis een doorzonwoning maken, of beginnen aan de zoektocht naar wat er nog over is.
Dat laatste haalt het leven terug van hoe het was. Zelfs een koofje uit de Jordaan wordt tegenwoordig gekoesterd en dient strak afgepleisterd als wandmeubel. De weelderige plafonds uit de grachtenpanden komen allemaal terug, net als de stenen vloeren.
De patronen van terrazzo komen zo bekend voor in een project als Rosewood dat je bijna de hinkelpas in zou zetten. Maar dat mag natuurlijk helemaal niet. Deze vloeren zijn niet meer voor iedereen bestemd. Het zijn kunstwerken geworden, gemaakt door mensen die de creatieve geest van een kind hebben behouden. En de energie om het dag in dag uit telkens opnieuw aan te pakken, werk na werk waarin je nooit raakt uitgespeeld.
Renée de Haan