Door Renée de Haan

Door Renée de Haan

Het zit totaal niet in mijn aard om anderen te benijden, maar een enkele keer had je ergens zo graag bij willen zijn. Het Neerlandsch Stucgilde gaat naar Engeland, daar waar ik ooit een jaar woonde en de onbevangen hartelijkheid mocht ervaren. Gewoon welkom zonder oordelen en zo is het gegaan bij de excursie richting Londen.

De tijd nemen om historie en vakkennis rustig in je op te nemen, samen eten en doorpraten en verheugen op de verrassingen van morgen. In die tijd race ik over een beurs om vooral het laatste nieuws op te zuigen, wat ook zijn charme heeft.

Maar die rust en dat terug in de tijd daar hebben we allemaal eigenlijk behoefte aan. Met de concentratie om dat ene werk af te krijgen. Intussen zijn we allemaal meer met een procedé van Het Duizend Dingen Doekje opgezadeld. Een mooie reclame uit de jaren zestig dat je met één beweging alles schoon kon maken. Los van monumenten natuurlijk.

Mijn soort van jaloers zijn gaat echter verder dan het tripje dat we achteraf mogen aanhoren. Deze groep is zo fantastisch, altijd opgewekt en betrokken dat je er eigenlijk stukadoor voor had willen worden. Toen we nog maar net in Italië woonden kwam er een brief, want internet bestond nauwelijks. Of wij een tripje voor Het Gilde willen invullen. Goede restaurants en mooie ­wijnen, want deze mensen werken heel hard en mogen best even in de ­watten ­worden gelegd.

Dankzij Het Gilde mochten we mensen ontmoeten in Florence bij ­opleidingen, gingen we mee op schoolreisje tot en met Genua aan toe. Niets is mooier dan een open opdracht: ‘We willen naar Genua want daar schijnt heel veel bijzonder stucwerk te zijn en fresco’s.’ De speurtocht zoals die nu in Engeland ontstond was destijds aan mij. Allerlei hotemetoten uit de cultuur stonden ineens rechtop voor het hoge bezoek uit Nederland. Stukadoors? Ze werden als kunstenaars ontvangen, want het geperfectioneerde ambacht is een artistieke gave.

En net als echte kunstenaars wisten we ook bij die trip de geneugten van het bestaan te waarderen: lekker eten, een goede wijn en saamhorigheid. Wat me het meest raakte was de introductie van Jaap Poortvliet in de bus bij het ophalen van het vliegveld.

“Dit is Renée en zij heeft cultuur gestudeerd, niet wetende dat dit ooit van pas zou komen voor ons.”

Het klinkt raar, maar ik was dat zelf dus gewoon vergeten. Mijn bijvak kunstgeschiedenis aan de universiteit maakte dat ik gretig naar steeds meer details zocht van wat we gingen bezoeken. Deuren gingen open waar niemand in mocht met maar één talisman van ons allemaal: Liefde voor het vak. De uitvoerder en de journalist die in woorden probeert te vatten, ze passen zo goed bij elkaar. De volgende excursie zal een omgekeerde zijn: gasten uit het buitenland die naar Het Gilde komen. Vanwege het Jubileum. Ik nodig mezelf bij deze vast uit.

Renée de Haan

Download de gratis Mebest-app